Dolf Wega, een puber uit deze tijd, komt via een tijdmachine terecht in de dertiende eeuw, een tijd vol armoede, list en bedrog. Hij sluit zich noodgedwongen aan bij een passerende kinderkruistocht. De kinderen zijn op weg naar het Beloofde Land: Jeruzalem.

Dolf draagt zijn steentje bij aan de moeilijke tocht, maar hoopt diep van binnen toch weer naar huis terug te kunnen keren. Tijdens zijn lange, zware reis leert Dolf niet alleen veel over vroeger, maar ook over zichzelf. Met zijn twintigste-eeuwse kennis kan hij veel middeleeuwse problemen oplossen, maar komt hij ooit weer thuis?